logo historisch museum Elspeet
Afbeelding van verschillende documenten

Documentatieruimte
Literatuur en bronnen

Documentatieruimte

In het museum wordt t.z.t. ook een documentatieruimte gerealiseerd. In deze ruimte kan literatuur en bronmateriaal met betrekking tot Elspeet worden geraadpleegd.

Woordenboek Elspeets Dialect

Dit is het woordenboek van Elspeet. Allemaal woorden die ook vandaag de dag nog veel worden gebruikt. Het boekje kwam tot stand door samenwerking van Gerritje van den Bosch, Gerard Mulder, Dick Hazeleger en Gerrit van der Zande. Benieuwd? Download dan snel het bestand en leer onze mooie taal!

Toelichting bij het woordenboek: Afspraken over de notatie en uitspraak van bepaalde klanken

We noteren de èè-klank zoals die te horen is in het woord militair als êe. Voorbeelden: aardappel == êepel; aarde == êerde, in de uitdrukking: boven aarde staan.

De notatie van de aa-klank in woorden als openbaar en avondmaal. Als er achter de aa een r komt, noteren we die klank met oa. Dus Aart == Oart en openbaar == openboar. In de andere gevallen noteren we met oo. Dus Aalt == Oolt en tweemaal == tweimool. Het woordje naar kan twee betekenissen hebben. Als naar betekent: ergens heen, dan noteren we noo. Dus: hij gaat naar school == hie geet noo schoele. Als het woord naar betekent: akelig of misselijk, dan noteren we noar. Dus: Hij was zo naar == hie was zo noar.

Het noteren van de niet-hoorbare e in de laatste lettergreep van woorden lossen we op met een ‘. Voorbeelden: halen == hool’n; betalen == betool’n; betaling == betooling. De niet-hoorbare letter t aan het eind van een (werk)woord geven we niet aan met een ‘. Anders krijgen we teveel komma’s. Voorbeelden: bedacht == bedoch en gekocht == ‘ekoch.

De u-klank in het engelse woordje but noteren we als û. Voorbeelden: bedorven == bedûrv’n en balken (hard schreeuwen) == bûlk’n. Voorbeeld: Hie bûlk’n ut uut.

Vraag: hoe noteren we het verschil in de o-klank in de woorden bos en nog? In de zin: het beest heeft dorst == ut bees heet dos, moet het woordje dos de klank krijgen van bos. Voorstel: de klank in bos en bom en bon noteren we als ô; en in de woorden nog en dop en bol noteren we gewoon o.

Vervolgens hebben we het over de lange ie-klank in de woorden diepe en diens. We gaan die lange ie-klank schrijven met een accent-circonflex (een dakje) op de letter i, dus dîepe en dîens. Bij het woord drie ontstaat verschil van opvatting over de uitspraak in het Elspeets dialect. Sommigen spreken het uit als drei, terwijl anderen het uitspreken als dree’j.